Deze site wordt in de loop van JUNI - JULI 2026 herwerkt.
Als een link naar een pagina niet actief is, stuur dan een mail naar lucATcielen.eu
LUC CIELEN

Mijn ervaringen met het reguliere onderwijs en de vrijeschool/steinerschool hebben geleid tot een eigen visie op onderwijs in de basisschool. Deze visie heb ik in praktijk gebracht in Rinkrank en vind je beschreven op deze site en in de boeken van Bas Kunstler (= acroniem van Basisonderwijs Kunstzinnig leren).
De steinerpedagogie (vrijeschool- of waldorfpedagogie) kan, dankzij het grote belang dat zij hecht aan het kunstzinnige, de ideale pedagogie zijn.
Ik heb de steinerschool/vrijeschool leren kennen in 1967, toen ik leraar was aan het Sint-Lievenscollege en aan de jeugdmuziekschool van de Halewynstichting in Antwerpen.
Mijn eerste kennismaking gebeurde via Ward De Beer, leraar viool aan deze jeugdmuziekschool en tevens muziekleraar aan de Antwerpse Steinerschool.
In de kerstperiode 1967 zag ik een opvoering van het kerstspel uit Oberufer, gespeeld door de leerkrachten van de Steinerschool. In de daaropvolgende maanden heb ik in de Antwerpse school nog enkele lezingen bijgewoond en de tentoonstelling op het einde van het schooljaar bezocht. Ik was onmiddellijk begeesterd door de kunstinnige aspecten van deze school. Het grote belang dat er gehecht werd aan muziek, tekenen, schilderen, boetseren, theater, dans, handwerk, ritmiek en andere kunstvormen maakte me enthousiast voor deze pedagogie.
Met de antroposofie, de onderliggende wereld- en levensbeschouwing van Steiner, waarmee iedere leerkracht zich (verplicht) moest verbinden, heb ik het altijd moeilijk gehad. Hoewel ik me jarenlang via gesprekken, lezingen en boeken intensief in de antroposofie heb verdiept, ben ik nooit overtuigd geraakt van het mens- en wereldbeeld dat Steiner propageerde.
In 1968 ging ik kunstgeschiedenis (musicologie) studeren aan de KULeuven en stichtte er het vegetarisch restaurant annex natuurvoedingswinkel Lukemieken, waar ik lezingen over de steinerpedagogie organiseerde in de hoop een steinerschool te kunnen oprichten in Leuven.
In 1973 organiseerde ik in Kessel-Lo (Leuven) een colloquium over de werkgebieden die door Steiner beïnvloed waren: onderwijs, landbouw, geneeskunde, religie. Daarbij had ik de grote tentoonstelling ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de Vrije School in Den Haag, laten overkomen. Dit colloquium was de aanzet tot het stichten van diverse steinerscholen in Vlaanderen: Lier, Gent, Leuven en andere.
Tussen 1973 en 1975 importeerde ik de boeken van Nederlandse, Duitse, Zwitserse en Franse antroposofische uitgeverijen in België (in 1976 overgenomen door De kleine Prins). Daarnaast werd Lukemieken ook de Belgische vestiging van het Nederlandse Akwarius, groothandel voor producten afkomstig uit de biologisch-dynamische land- en tuinbouw, en andere antroposofisch geïnspireerde bedrijven waaronder de merken Weleda, Wala, Demeter, Stockmar e.a.
Toen mijn kinderen de leeftijd hadden om naar de kleuterschool te gaan, was de steinerschool in Leuven nog niet gerealiseerd, en gingen ze naar de Antwerpse Steinerschool, waar ik vanaf 1975 leraar werd.
De steinerpedagogie zou vanaf dan de leidraad zijn in mijn pedagogisch werk, zelfs toen ik acht jaar later de Steinerschool verliet en in Brasschaat een eigen basisschool (De Wingerd) stichtte, waar ik mijn pedagogische visie, gebaseerd op kunstzinnig onderwijs, ontwikkelde, weliswaar beïnvloed door de steinerpedagogie, maar met veel meer aandacht voor de implementatie van de kunstzinnige activiteiten in de leerstof, met het moderniseren van de leerstofinhouden en vooral ook met het aanpassen van het steinerleerplan om de cognitieve elementen in het curriculum meer ruimte te geven. Veertien jaar later heb ik deze visie verder kunnen uitwerken in de door mij opgerichte basisschool Rinkrank in Kalmthout.
De vrije-/steinerschool is kunstzinnig
Mijn ervaring was dat het belangrijkste en meest waardevolle van de steinerpedagogie het kunstzinnige is. De vrije-/steinerschoolpedagogie is de enige pedagogie die inziet hoe belangrijk het kunstzinnige is voor de ontwikkeling van kinderen. Dit heeft mijn visie in grote mate gevormd. Terwijl de vrije-/steinerschoolpedagogie echter uitgaat van de antroposofische wereldbeschouwing, kwam ik tot betere inzichten en een duidelijkere visie, gevormd door mijn eigen ervaring met het werken met kinderen en kon ik de antroposofie als basis van de pedagogie laten vallen.
Hoewel de werking in mijn eigen school in veel opzichten te vergelijken was met deze in een vrije-/steinerschool, waren er ook belangrijke en grote verschillen.
De meest opvallende gelijkenis is het periodeonderwijs, al heb ik daarin een aantal aanpassingen doorgevoerd om het leren beter te ondersteunen.
Deze aanpassingen zijn onder andere:
- muziek als belangrijkste ‘vak’ en als kunstzinnig element in alle andere vakken;
- de verplichte muzikale bijscholing van leerkrachten;
- een doorgedreven onderzoek naar kunstzinnige elementen in ieder vak;
- het grote belang van schrijven met de hand als kunstzinnig én cognitief ontwikkelingselement;
- de noodzaak voor leerkrachten om een eigen didactiek te ontwikkelen zonder gebruik
te maken van hand- en invulboeken van uitgeverijen;
- aanpassingen aan het leerplan door nieuwe vakken toe te voegen;
- een groter aanbod aan leerstof;
- doorbreken van het rigide jaarklassensysteem;
- co-teaching;
- grotere aandacht voor het zelfstandig werken van de leerlingen;
- ruimere mogelijkheden voor differentiatie en individuele begeleiding dankzij
een betere klas- en tijdsorganisatie;
- verwijdering van alle antroposofische elementen zoals onder andere de spreuken
en bepaalde leerstofelementen.
Ieder kind is creatief en kunstzinnig
Observeer je jonge kinderen, dan besef je al snel dat, als de ontwikkeling normaal verloopt, ieder kind van jongs af aan creatief en kunstzinnig is. Al vóór de peutertijd experimenteren kinderen met en genieten ze van bewegen, klanken, ritme, dans, melodie, tekenen, boetseren, schilderen, verkleden enzovoort.
In de peuter- en kleuterklassen worden deze creatieve eigenschappen ondersteund en ontwikkeld, maar in het reguliere kleuteronderwijs helaas meer en meer verdrongen door de eenzijdig cognitieve aanpak. In reguliere lagere scholen worden de creatieve gaven van de kinderen nauwelijks aangesproken of ondersteund, wat zeer nadelig is voor de harmonische ontwikkeling. Men vergeet dat het kunstzinnige een geweldige ondersteuning is voor de cognitieve ontwikkeling. Dit is al herhaaldelijk aangetoond voor muziek; maar ook tekenen bijvoorbeeld is belangrijk omdat daarmee de nauwkeurige observatie geschoold wordt.
Creativiteit en kunstzinnigheid moeten in de basisschool even goed ontwikkeld worden als kennis, want ze zijn alle drie evenwaardig en even belangrijk.
Ontwikkeling betekent scholing. Dus leren de kinderen zingen, dansen, instrumenten bespelen, toneelspelen, boetseren, tekenen, schilderen, voordragen, koken, bakken, tuinieren, schrijven, beeldhouwen, houtsnijden, en al wat de creativiteit aanspreekt.
Creativiteit en kunstzinnigheid worden niet alleen in de kunstvakken aangesproken, maar ook en vooral in vakken als rekenen, meetkunde, fysica, taal, geschiedenis, aardrijkskunde en alle vakken waarbij kinderen aangezet worden om te onderzoeken, te weten en te kennen.
Kinderen verdienen kwaliteitsvol materiaal
Alles wat je een kind aanbiedt, inhoudelijk en materieel, is van goede kwaliteit.
Geen rommelige kopieën op slecht papier, maar stevig papier aangepast aan de opdrachten.
Geen hand- en invulboeken met waardeloze verhaaltjes en voorbeeldzinnen vergezeld van schabouwelijke illustraties, maar verzorgde, zelfgemaakte handboeken en handleidingen die de kinderen zo veel mogelijk zelf samenstellen, illustreren en gebruiken. Zie voorbeelden hiervan op https://www.facebook.com/bas.kunstler
Kwaliteit is ook de eerste vereiste voor al het materiaal dat nodig is bij de kunstzinnige vakken.
Schoonheid gaat altijd voor
Leerkrachten streven naar verzorgd werk dat ‘mooi’ is. Schoonheid is weliswaar subjectief, maar een gevoel voor schoonheid kan iedereen ontwikkelen via respect, zorg, evenwicht, kleur, klank en beweging.
Bij de beoordeling van het werk van de kinderen gaat de aandacht altijd eerst naar de schoonheid: schrift, illustratie, bladspiegel, kleurgebruik, titel … en pas daarna naar de inhoud (die wel het belangrijkst is).
Een gevoel voor schoonheid ontwikkelen bij de leerlingen is even noodzakelijk als leren lezen, rekenen en schrijven.
Cesuren zijn belangrijk
In mijn visie is een kleuterschool géén voorbereiding op de lagere school, zoals de lagere school géén voorbereiding is op de middelbare school en deze laatste ook géén voorbereiding is op hoger of universitair onderwijs.
Iedere leeftijdsfase heeft haar eigen kenmerken en intenties en mag nooit beschouwd worden als een voorbereiding op de volgende fase. Door de voorafgaande fases te beschouwen als voorbereiding op de volgende wil men de overgang van de ene naar de andere fase versoepelen en in elkaar laten overlopen, terwijl het net nodig is, en gunstig voor de ontwikkeling van de kinderen, om op gezette tijden cesuren in te lassen. Kleuters mogen met spanning uitkijken naar de ‘grote school’. Derdeklassers mogen beleven hoe spannend het is om naar de vierde klas te gaan, waar hun een andere aanpak wacht. Zo is het ook bij de overgang van lager naar middelbaar en middelbaar naar hoger onderwijs. Cesuren zijn nodig. Spanning voor wat komen gaat is heilzaam. Uitkijken naar het onbekende stimuleert het leren. Cesuren in de schoolcarrière zijn als de feesten in het jaar: feestelijke momenten om naar uit te kijken.
In mijn eigen scholen zorgde ik ervoor dat er een groot verschil in aanpak was tussen kleuter- en lagere school en tussen de onderbouw (klassen 1, 2 en 3) en de bovenbouw (klassen 4, 5 en 6) van de lagere school.
Een leerkracht in het kunstzinnig basisonderwijs is een muzikale leerkracht omdat muziek het belangrijkste vak is en méér dan een vak: het is alomtegenwoordig op school: bij de aanvang van de schooldag, bij het einde van de schooldag, tussendoor tijdens het werk en als kunstzinnig element in andere vakken. Het is bewezen dat muziek – met zang en instrumentaal spel – de kinderen slimmer maakt. Muziek is in elk vak aanwezig.
https://www.cielen.eu/vakken/kunstzinnige%20vakken/muziek.html
Tekenen stimuleert de observatie
Door te tekenen leren kinderen aandachtig kijken en nauwkeurig observeren. In het tekenen van vormen (vormtekenen) leren ze hoe het spel van rechten en krommen aan de basis ligt van sierkunst, meetkunde, architectuur … Tekenen komt als vak voor, maar is ook een element in alle andere vakken.
https://www.cielen.eu/vakken/kunstzinnige%20vakken/tekenen.html
https://www.cielen.eu/vakken/kunstzinnige%20vakken/vormtekenen.html
Schilderen is een opstap naar het beleven van kleuren
Dankzij het nat-in-nat-schilderen ervaren de kinderen hoe kleuren met elkaar samengaan en op elkaar inwerken. De kinderen leren kleurencombinaties hanteren en toepassen in aquarel, olieverf en illustratief tekenen. Ze ervaren hoe door lichtbreking de kleuren zichtbaar worden.
https://www.cielen.eu/vakken/kunstzinnige%20vakken/schilderen.html
Schoolfeesten zijn orgelpunten in het schooljaar
Schoolfeesten zijn momenten waar naartoe geleefd en gewerkt wordt met de leerstof en met de kunstzinnige activiteiten. Het zijn dagen waarop de hele schoolgemeenschap zich verenigt rond belangrijke scharniermomenten in het jaar en de seizoenen. Herfst, winter, lente, zomer met de bijhorende feesten bepalen het leven op school.
...
...
...
...